Hieronder vind je uitleg bij de oefeningen uit de cursus ‘Goed voorbereid op reis met je hond’. Vind je een bepaalde oefening toch nog niet helemaal duidelijk? Neem dan gerust contact met ons op, we geven je graag extra uitleg.

Lenigheid

Pootje geven
Laat je hond eerst zitten. Laat hem daarna een pootje geven op je uitgestoken hand. Het is de bedoeling dat zijn andere voorpoot op de grond blijft. Je kunt het moeilijker maken door je hond de positie langer te laten vasthouden. Wissel links en rechts af. Je kunt je hond deze oefening ook laten doen terwijl hij staat, hij gebruikt dan weer andere spieren. Kan je hond nog niet zo goed een pootje geven op commando, maar vindt hij het wel goed dat je zijn poot optilt? Dat is in dit geval ook goed, het gaat erom dat hij z’n lenigheid en balans traint.

High five
Laat je hond zitten en laat hem een hoog pootje geven tegen je hand aan. Zijn andere voorpoot blijft op de grond. Je kunt het moeilijker maken door je hand steeds iets hoger te tillen en/of door je hond de positie langer te laten vasthouden. Wissel links en rechts af.

Loop met je hond rondjes tussen bomen door
Laat je hond je volgen of lijn hem aan, en loop op een rustig tempo grote bochten om bomen heen. Maak de bochtjes langzaamaan kleiner. Zorg ervoor dat je rustig blijft lopen. Let er ook op dat je ongeveer een gelijk aantal bochtjes linksom als rechtsom maakt.

Kracht

Alleen voorpoten of alleen achterpoten op een boomstam
Kies een boomstam die qua hoogte maximaal een derde van de schofthoogte van je hond is (begin liever met een lagere ‘verhoging’). Laat hem nu afwisselend met alleen zijn voorpoten op de boomstam staan en achterpoten op de grond of alleen de achterpoten op de boomstam en de voorpoten op de grond. Zorg ervoor dat je hond zijn kop laag houdt, dus blijf zelf laag en geef een beloning ook laag aan. Dit voorkomt dat je hond omhoog kijkt en zijn rug hol trekt, wat niet de bedoeling is.

Rondjes draaien om eigen as
Laat je hond voor je staan, met zijn kop naar je toe. Leid hem met je hand in een rondje om zijn as. Bij het aanleren kun je een snackje in je hand houden. Wissel bochtjes links- en rechtsom af. Zorg ervoor dat de rondjes rustig en beheerst worden gemaakt.

Langzame pas
Laat je hond naast je lopen (aangelijnd is zeker in het begin aan te raden) en vertraag tot een slow-motion-tempo. Zorg ervoor dat je hond je langzame tempo volgt en dus niet stopt en ‘bijloopt’ in zijn normale tempo. Laat je hond zowel links als rechts van je lopen.

Snelheid

Hond naar je toe laten sprinten
Laat je hond zitten, loop een eindje bij hem vandaan (afhankelijk van hoe goed hond kan blijven zitten) en roep hem dan bij je. Zorg ervoor dat je hond in een rechte lijn kan rennen. Wissel af qua ondergrond.

Gooi een speeltje weg en laat je hond het halen
Je kunt dit op verschillende ondergronden oefenen. Op een rechte weg train je vooral de snelheid van je hond, en op ongelijke ondergrond met obstakels train je meer de coördinatie.

Fietsen met je hond
Doe deze oefening alleen als je hond en jij al samen kunnen fietsen. Ga een stukje fietsen met je hond en bouw een paar versnellingen in (doe dit alleen in een rustige omgeving en als je je zelf zeker genoeg voelt op de fiets).
Let er bij deze oefening goed op dat het niet te warm is (liefst kouder dan 18 graden) en dat de ondergrond niet te hard is. Stop meteen met de oefening als je hond vermoeidheidsverschijnselen vertoont.

Uithoudingsvermogen

Trekken op het strand
Laat je hond met een tuigje aan trekken aan de lijn in mul zand (hoeft niet per sé op het strand). Biedt weerstand aan de lijn, zodat hij echt moet trekken (en jij niet over het strand vliegt). Doe dit gedurende 10-20 seconden en ga dan weer rustig wandelen. Je kunt de oefening een paar keer herhalen, maar stop zodra je vermoeidheidssignalen ziet.

Draven naast de fiets
Laat je hond naast de fiets draven. Bouw de duur langzaam op: is je hond nog niet zo fit? Begin dan met 5 minuten. Breid uiteindelijk uit naar 20-30 minuten . Het tempo hoeft niet hoog te zijn, het gaat om matige inspanning gedurende wat langere tijd.

Heuvel op rennen
Zoek een heuvel op in het bos of in de duinen en laat je hond ertegenop rennen. Je kunt hem bijvoorbeeld een speeltje laten halen of je kunt zelf de heuvel op rennen en hem dan naar je toe laten komen. Laat je hond rustig weer naar beneden lopen. Je kunt de oefening een paar keer herhalen.

Coördinatie

Lopen over een omgevallen boom of smal muurtje
Leer je hond eerst om op een smalle richel te staan. Als hij dat goed kan, kun je hem eroverheen laten lopen. Zorg ervoor dat hij rustig en beheerst loopt. Gebruik geen objecten die glad zijn.

Zitten op een boomstam of tak
Als je hond kan staan en lopen op een smalle richel, dan kun je hem laten zitten. Oefen dit op een niet te hoog obstakel, zodat hij niet naar beneden valt als hij z’n evenwicht verliest.

Onder een tak door lopen
Laat je hond onder een omgevallen boom of tak doorlopen. Je kunt hem uitnodigen door een snackje laag aan de andere kant van de boom aan te bieden. Begin met wat hogere doorgangen en probeer dan steeds iets lager als het goed gaat.

Meer weten?

Wil je meer weten over verschillende oefeningen die je met je hond kunt doen? Een goed boek hierover is Een hondenleven lang, fysiek en mentaal in balans 4: De hond als atleet, van Martine Burgers en Sam Turner.
Je kunt ook eens kijken bij Fitdog Program, zij bieden diverse (online) cursussen aan over bewegen met je hond.